Sitemenu

donderdag 21 oktober 2021
content-main-left

Nieuws

In aanloop naar de VN-klimaatconferentie in november 2021 in Glasgow, wordt er vanuit de landbouw(onderzoekers) uitgekeken naar het al dan niet overnemen van de nieuwe wetenschappelijke inzichten betreffende de impact van methaan. Naast de huidige gebruikte GWP-berekening circuleert er ook een GWP*-berekening. Voor de impact vanwege methaan van herkauwers kan dat een groot verschil opleveren. 

Dat meldt het Expertisecentrum Landbouw en Klimaat van het ILVO. 

GWP is de afkorting van ’global warming potential’. Het is de maat voor aardopwarmingsvermogen of de mate waarin een gas opwarming zal veroorzaken over de volgende 100 jaar, vergeleken met eenzelfde volume CO2. 

In de GWP*-benadering wordt onderscheid gemaakt tussen langlevende en kortlevende broeikasgassen. Het IPCC (Intergouvernementeel Panel inzake klimaatverandering) erkent GWP* als wetenschappelijk juister, maar nam tot nu toe de berekeningsmethode voor haar eigen wereldwijde klimaatimpactcijfers (nog) niet over. 

Langlevende en kortlevende broeikasgassen

Langlevende broeikasgassen zijn gassen die accumuleren in de tijd omdat ze zeer lang in de atmosfeer aanwezig blijven. Een voorbeeld is CO2 dat een halfwaardetijd voor afbraak van 50-200 jaar heeft.

Kortlevende broeikasgassen zoals methaan breken af op relatief korte termijn, zodat, bij een stabiele emissie, de opwarming niet toeneemt. In een relatief korte periode wordt er immers evenveel afgebroken als aangemaakt. Methaan heeft een gemiddelde verblijfperiode van slechts 10-12 jaar in de atmosfeer. 

De redenering volgens de GWP*-benadering is dat de impact van methaan niet op dezelfde hoop mag worden gegooid als de impact van CO2, het langlevende broeikasgas. 

GWP* gunstiger voor rundvee  

GWP* houdt dus meer rekening met het feit dat er, bij een gelijkblijvende emissie (vb. zelfde aantal dieren en zelfde productieniveau), telkens evenveel methaan wordt afgebroken dan dat er wordt aangemaakt. Doorheen de tijd ontstaat er dus een stabiele methaanconcentratie.

In simulatieberekeningen volgens de GWP*-benadering leidt een lichte stijging van de hoeveelheid methaan (minder dan 1% per jaar of 25% over 30 jaar) tot iets minder extra aardopwarming: 940 ton CO2eq (GWP*) tegen 980 ton CO2eq (GWP) uitgesmeerd over een periode van 30 jaar.

Bij een minieme daling van de methaanemissie ontstaat er op vrij korte termijn een stabiliserend effect volgens het GWP*: met een daling van 0,3% per jaar (of 10% over 30 jaar) verdwijnt het bijkomend opwarmend effect van deze emissie of 0 ton CO2eq.

Bij een daling van de methaanemissie met 25% (uitgesmeerd over 30 jaar) zou men een negatieve opwarming - een koeling - kunnen verkrijgen volgens de GWP*-benadering: - 420 t CO2 eq.

Indien de methaanemissies van koeien gelijk blijven in de tijd is de impact op de opwarming van de aarde veel kleiner met de nieuwe GWP*-benadering
Indien de methaanemissies van koeien gelijk blijven in de tijd is de impact op de opwarming van de aarde veel kleiner met de nieuwe GWP*-benadering
right